Specialisaties.

  • Diagnostiek DSM-IV-TR, DSM-5, WHO ICD-10, WHO ICF
  • Moeilijk opvoedbare kinderen
  • Psychiatrische- en persoonlijkheidsstoornissen
  • Neurologische stoornissen
  • ASS stoornissen
  • Verstandelijk Gehandicapten Zorg
  • Gedragsstoornissen

BOKA-II Registratie

  • herregistratie BOKA-II
  • registratienummer: 016R040405LR295
  • afgegeven: 12-10-2016, geldig tot 5 jaar na dagtekening

Werkmethode.

Op zoek naar de hulpvraag.

  1. Inzicht krijgen in het leven van de client. Hierbij wordt gezocht wat de client in het dagelijks leven daadwerkelijk kan en psychisch aankan. Hoe de client de werkelijkheid beleeft wordt zichtbaar en invoelbaar aan hand van de hermeneutische methodiek.
    Afbeelding: Hermeneutische cirkel
  2. Inzicht krijgen in de oorzaak van het probleem van de client. Grondig onderzoek in de zes ontwikkelingsgebieden van de hermeneutische cirkel om te achterhalen waardoor de client uit evenwicht is geraakt. Met open vragen, en alle tijd die nodig is wordt de kern van het probleem vastgesteld.
  3. Vaststellen van de hulpvraag, aan de hand van het actuele probleem, de cognitieve mogelijkheden en emotionele draagkracht van de client.
  4. Vaststellen of de aanpak van het probleem een individuele- of systeembenadering nodig heeft. De individuele benadering is primair gericht op de persoon met beperkingen. De systeembenadering is gericht op de direct betrokkenen: het clientsysteem.
  5. De communicatie met de client en het clientsysteem heeft als doel een respectvolle benadering van de client en een passende begeleidingsstijl voor de client.

Filosofische achtergrond.

Vrijheid en gelijkwaardigheid.

Uitgangspunt voor de orthopedagogische- en psychotherapeutische dienstverlening is het principe van vrijheid en gelijkwaardigheid van mensen.

Johann Amos Comenius, filosoof en pedagoog was in zijn Didactica Magna de eerste die beschreef dat dit principe ook geldt voor mensen met beperkingen en handicaps.

Mensen die afhankelijk zijn van anderen hebben recht op een menswaardig bestaan en op een eigen ontwikkeling.

Levensloop en ontwikkeling.

Verschillende modellen en methoden van ontwikkelingspsychologen worden gebruikt als leidraad voor de levensfasen en de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen, jeugd en volwassenen.

In de levensloop is er ontwikkeling van het denken, voelen en willen. In elke levensfase zijn er nieuwe mogelijkheden tot ontwikkeling in deze gebieden.

De ontwikkelingsbalans tussen het denken, voelen en handelen moet aansluiten op de persoonlijke omstandigheden. Dit is het drieledig mensbeeld van de antroposoof dr. Rudolf Steiner.

Het doel van het orthopedagosiche en psychotherapeutische werk is het bevorderen van een evenwichtige ontwikkeling.

Gedrag en behandeling.

In het dagelijkse leven kun je zien hoe een mens zijn eigen evenwicht kan herstellen als het verstoord wordt.

Een verstoring kan optreden in een van de volgende gebieden: De aanleiding kan fysiek zijn als het lichaam niet meer of goed genoeg kan bewegen. Het kan op fysiologisch gebied zijn, als de werking van organen uit balans is en daarmee de energie om dingen te doen te kort schiet. Wanneer de sociale omgeving te bedreigend of te weinig uitdagend is, of er geen verbinding tot stand komt met de sociale omgeving. Tot slot kan de aanleiding ook op psychisch gebied liggen, als karakter, stemming of motivatie het handelen beperken. Dit is het vierledig mensbeeld van dr. Rudolf Steiner

Voor mensen met beperkingen is het herstellen van het evenwicht niet altijd op eigen kracht mogelijk. Om ondersteuning en sturing te geven aan het weer terugkeren naar een normaal evenwicht kan naar een oplossing gezocht worden in de bovenstaande gebieden.

Communicatie.

In de communicatie met kinderen, jeugd of volwassenen is het humanistische mensbeeld de basis. Het humanisme onderkent sociale-, morele-, ethische- en creatieve mogelijkheden van de mens.

In het werk met mensen met beperkingen staat de concrete communicatie centraal.
Dit betekent dat instructies en informatie aan de hand van voorbeelden en feiten worden aangereikt. Problemen en vragen worden aan de hand van de begrippen: Wie, Wat, Waar, Hoe en Wanneer duidelijk gemaakt.

In het werk met het clientsysteem staat de socratische vraagstelling centraal.
Aan de hand van open vragen en een dialoog wordt een oplossing gezocht die door de betrokkenen wordt uitgevoerd.

Visie.

De sociaal personale visie op zorg en ontwikkeling van orthopedagoog prof. dr. Han Nakken gaat uit van het principe van een wederzijds ontwikkelingsperspectief van de zorgvrager en de zorgaanbieder.

Sensitieve-, empathische- en rationele begeleiding en ondersteuning van andermans ontwikkeling vraagt om voortdurende zelfreflectie op het eigen handelen, de eigen affectieve betrokkenheid en de eigen gedachtegang en gedachtegoed.